Als u zin heeft in iets hartigs, kleverigs en snel klaar, dan zit u met dit gerecht helemaal goed. Aziatisch gebakken spek met rijst is zo’n maaltijd waar iedereen stil van wordt aan tafel. Niet omdat het ingewikkeld is. Juist niet. Maar omdat de smaak meteen indruk maakt.
Waarom dit gerecht zo goed werkt
Er zit iets verslavends in de combinatie van krokant spek en een zoete, zoute saus. De ketjapsaus wordt sticky en vol van smaak. De limoen geeft frisheid. En een beetje sambal zorgt voor net genoeg pit.
Het leuke is dat dit gerecht voelt als afhaaleten, maar u maakt het gewoon zelf in ongeveer 40 minuten. Dat is precies waarom dit recept zo fijn is op een drukke avond. U zet iets op tafel dat speciaal smaakt, zonder lang in de keuken te staan.
Wat maakt het spek zo krokant?
Het geheim zit in de start. U bakt het spek eerst in een koude pan. Dat klinkt misschien vreemd, maar het werkt echt. Zo smelt het vet langzaam uit het vlees en krijgt u die knapperige, goudbruine stukjes waar iedereen om strijdt.
Roer niet te vaak. Laat het spek rustig zijn werk doen. Heeft u haast, dan wordt het sneller zacht en minder krokant. En juist dat krokante maakt dit gerecht zo lekker. Dat ene detail maakt een groot verschil.
Ingrediënten
Voor de rijst
- 300 gram basmatirijst
- 650 milliliter water
- 1 groentebouillonblokje
- 1 eetlepel zonnebloemolie
Voor het spek
- 500 gram speklappen, in kleine blokjes gesneden
- 1 ui, gesnipperd
- 3 teentjes knoflook, geraspt
Voor de saus
- 5 eetlepels ketjap manis
- 2 eetlepels sojasaus
- 2 theelepels sambal oelek
- 100 gram sweet chilisaus
- sap van 1 limoen
- 250 milliliter water
- 1 eetlepel sesamolie
- 3 theelepels maïzena
- 3 eetlepels water
Voor de garnering
- 2 stengels bosui, fijngesneden
- sesamzaad
Zo maakt u Aziatisch gebakken spek met rijst
Stap 1: kook de rijst. Verhit de zonnebloemolie in een middelgrote pan. Bak het verkruimelde bouillonblokje kort aan en voeg dan de rijst toe. Bak de rijst ongeveer een halve minuut mee. Giet het water erbij en breng alles aan de kook.
Laat de rijst daarna 8 tot 9 minuten zachtjes koken met de deksel op de pan. Zodra u kleine gaatjes ziet, haalt u de pan van het vuur. Laat de rijst daarna nog 15 minuten rusten met de deksel erop. Die rusttijd is belangrijk. Dan wordt de rijst luchtig en gaar.
Stap 2: maak de saus. Meng in een schaaltje de ketjap manis, sojasaus, sambal oelek, sweet chilisaus, limoensap en water. Zet dit even apart. De geur alleen al maakt hongerig. U proeft straks een mooie balans tussen zoet, zout, zuur en licht pittig.
Stap 3: bak het spek uit. Doe de spekblokjes in een ruime pan zonder extra olie. Zet het vuur niet te hoog en begin rustig. Laat het spek langzaam bruin en krokant worden. Dit duurt meestal 12 tot 18 minuten, afhankelijk van de grootte van de blokjes.
Haal het spek daarna uit de pan en laat het uitlekken op keukenpapier. Giet het meeste vet weg, maar laat een klein beetje in de pan. In dat beetje vet bakt u straks de ui en knoflook. Dat geeft extra smaak.
Stap 4: maak de sticky saus. Bak de ui en knoflook ongeveer 1 minuut in het achtergebleven vet. Voeg daarna de saus toe en laat die een paar minuten zacht pruttelen. Meng de maïzena met 3 eetlepels water en roer dit door de saus. Laat kort koken tot de saus iets dikker wordt.
Stap 5: voeg het spek toe. Doe het krokante spek terug in de pan en schep alles goed om. Het spek moet helemaal bedekt zijn met de glanzende ketjapsaus. Roer op het einde de sesamolie erdoor. Die geur maakt het af.
Stap 6: serveren. Schep de rijst op de borden en verdeel het spek met saus eroverheen. Maak af met bosui en sesamzaad. Eet smakelijk!
Handige serveertips
Wij eten dit graag met paksoi. Dat frisse, zachte groentegevoel past heel goed bij de rijke saus. Maar ook sugar snaps, sperziebonen of Aziatische roerbakgroenten zijn heerlijk erbij. U kunt dus makkelijk variëren met wat u in huis heeft.
Wilt u iets knapperigs naast dit gerecht? Dan zijn kroepoek of gefrituurde uitjes ook erg lekker. En als u het graag frisser houdt, maak dan eens een simpele komkommersalade erbij. Dat geeft meteen wat lucht aan het bord.
Variaties die ook goed werken
Geen spek in huis? Dan kunt u dit recept ook met kip maken. Gebruik kleine blokjes kipfilet of kippendijfilet. Bak die eerst goudbruin met een beetje peper en zout en volg daarna de rest van het recept. Dat is net zo lekker, maar iets lichter.
Houdt u niet van sesam? Laat de sesamolie en de sesamzaadjes dan gerust weg. De saus blijft nog steeds vol en rijk van smaak. En wilt u het pittiger maken, voeg dan gewoon wat extra sambal toe. Zo past het recept zich makkelijk aan uw smaak aan.
Veelgestelde vragen
Kan ik dit gerecht vooraf maken?
Dat kan, maar het spek wordt dan minder krokant. De smaak blijft goed, alleen de bite is iets zachter. Voor de beste textuur is het dus het lekkerst om het kort voor het eten te maken.
Kan ik dit invriezen?
Nee, dat is niet echt aan te raden. De saus kan gaan schiften en het spek wordt na het ontdooien taai. Vers is hier echt beter.
Is dit gerecht erg pittig?
Niet heel erg. De sambal geeft vooral warmte. Als u het liever milder maakt, gebruikt u gewoon iets minder sambal oelek. Dat werkt prima.
Een gerecht dat u snel weer wilt maken
Dit is zo’n recept dat makkelijk in uw vaste avondeten blijft hangen. Het is simpel, maar helemaal niet saai. De geur alleen al maakt dat iedereen ineens in de keuken staat. En dat laatste stukje spek uit de pan? Daarover hoeft u niet verbaasd te zijn.
Neem rustig de tijd voor het uitbakken van het spek. Dan krijgt u precies die krokante, sticky en smaakvolle combinatie waar dit gerecht om bekendstaat. Klein beetje geduld, groot resultaat.










